In Geen categorie

Liefde het meest

Twee weken geleden belde hij op: “De dokter heeft me verteld dat ik niet lang meer te leven heb, misschien willen jullie binnenkort langskomen, dan kunnen we afscheid nemen van elkaar.” Een kleine week later zitten we bij hem. Meteen steekt hij van wal. “Het is erg verdrietig om afscheid te moeten nemen van mijn vrouw, kinderen en kleinkinderen. Maar ik ben 85, wat heb ik nog te wensen? Mijn leven is prachtig geweest.”

Hij was geboren en getogen in het dorp waar ik lang dominee ben geweest en hij is later elders in het land gaan wonen. Wij kenden elkaar van de uitvaart van zijn ouders. Ons contact is sindsdien gebleven en we leerden elkaar in de loop der jaren beter kennen.

Zijn lieve vrouw, ook van dit dorp, kende hij van de kleuterschool af. Na hun huwelijk was hij zijn loopbaan als bankmedewerker begonnen als jongste bediende bij de plaatselijke boerenleenbank. Vandaar sloeg hij zijn vleugels uit: een grotere bank op een andere plek, daarna elders directeur, toen regiodirecteur in Friesland, en vervolgens directeur personeelszaken en lid van de hoofddirectie op het landelijk hoofdkantoor.

Belangrijk geworden bleef hij een innemende, lieve man, met aandacht voor allen. Stond iedereen bij die hem nodig had, van de groten in het land tot de bijstandsmoeder in zijn directe omgeving. Zijn ogen en oren waren voor iedereen open en hij behandelde allen met dezelfde mildheid. Wat hij zich had voorgenomen, bereikte hij altijd, en op zachtmoedige wijze.

Als bestuurder heb ik van hem geleerd. ‘Houd de kleine dingen klein, en laat de grote dingen groot zijn’. Hij kon eerlijk kijken naar zichzelf. “Mijn vrouw zegt dat ik dit niet goed heb gedaan, Wim, en zij heeft daar gelijk in.” Op dezelfde, milde wijze kon hij ook een ander op diens fouten wijzen. Wie zelf klein kan zijn, kan ook groot wezen.

Zijn afscheidsgeschenk aan ons is het boek waarin hij, op verzoek van zijn kinderen, zijn levensverhaal heeft opgeschreven. Het heeft als titel Liefde doet de naaste geen kwaad. En doet ons denken aan een van zijn uitspraken: ‘Ieder mens is een schepsel van God, zo moeten we hen ook behandelen.’

Vier dagen later is hij in alle rust en vrede overleden te midden van wie hem lief waren. Op zijn uitvaart vertellen zijn kinderen over zijn leven, het verhaal van een leven vol liefde. Bij zijn lichaam, opgebaard in de kapel, ontmoeten wij een kleindochter die even alleen bij de kist van opa staat. In haar ogen staan tranen. “Ik ben niet alleen maar verdrietig hoor. Ik ben vooral dankbaar. Opa was zo’n fijne en bijzondere man, en heeft zoveel voor ons betekend. Maar, ja …, eigenlijk ben ik toch ook wel erg verdrietig.”

Op de terugweg passeren we na het knooppunt Hattemerbroek de vier windmolens met de namen Faith, Hope, Love, Peace. Wij denken aan onze oude vriend, een voorbeeld van vrede, geloof en hoop. Van liefde het meest.

Gepubliceerd in de Leeuwarder Courant, 14 februari 2026. (Foto Wim Beekman: Niels Westra, Leeuwarder Courant).