Koudum actueel

Ontdek Koudum

Social Media Koudum

10 hours ago

koudum.nl

Hartenkreet van Rob Goedhart, inwoner van Koudum

Onlangs ontving ik het digitale fotoboek over het afgelopenjaar, waarin Leeuwarden-Fryslân Culturele Hoofdstad van Europa was. Een werkelijk prachtig overzicht van werkelijk prachtige (grote) evenementen.

Toch mis ik iets. Toen Leeuwarden meedong naar de plek als culturele hoofdstad van Europa werd gezegd dat het niet alleen om Leeuwarden zou gaan, maar om heel Fryslân. En dat de activiteiten (ook) vanuit de mienskip zouden moeten komen. Volgens mij zijn er dan ook in heel Fryslân kleinschalige evenementen geweest die niet of nauwelijks aandacht hebben gekregen. En soms ook de financiële steun ontbeerden.

Voor de grote evenementen zal ongetwijfeld heel veel geld geïnvesteerd zijn. Hopelijk ook voldoende opbrengsten. Uit eigen ervaring weet ik dat voor het verzorgen van een evenement (in dit geval Jazzy Koudum) het trekken en sleuren was wat betreft geld en aandacht. Het is uiteindelijk een hele leuke dag geworden. Met – wat mij betreft – als een van de hoogtepunten het optreden van de Dixieland Crackerjacks in verzorgingshuis De Finke. Tot groot plezier van de bewoners en verzorgers. Deze bewoners komen nauwelijks meer het huis uit. Laat staan dat ze in Leeuwarden komen.

Ik begreep dat de organisatie van LF 2018 al bezig is met de erfenis van 2018: nieuwe culturele evenementen in 2019 (en verder). Prachtig! Maar ik roep alle stakeholders op om meer oog te krijgen voor kleinschalige evenementen. Je kunt een miljoen investeren in een groot project. Maar ga eens na hoeveel kleinschalige evenementen (verspreid over heel Fryslân) je met dat geld kan steunen voor de eigen bewoners van Fryslân en de toeristen. En met name om die evenementen te brengen naar hen die niet (meer) in staat zijn om naar evenementen toe te gaan.

Dixieland Crackerjacks in De Finke tijdens Jazzy Koudum 2018
... Meer lezenMinder lezen

Hartenkreet van Rob Goedhart, inwoner van Koudum

Onlangs ontving ik het digitale fotoboek over het afgelopenjaar, waarin Leeuwarden-Fryslân Culturele Hoofdstad van Europa was. Een werkelijk prachtig overzicht van werkelijk prachtige (grote) evenementen. 

Toch mis ik iets. Toen Leeuwarden meedong naar de plek als culturele hoofdstad van Europa werd gezegd dat het niet alleen om Leeuwarden zou gaan, maar om heel Fryslân. En dat de activiteiten (ook) vanuit de mienskip zouden moeten komen. Volgens mij zijn er dan ook in heel Fryslân kleinschalige evenementen geweest die niet of nauwelijks aandacht hebben gekregen. En soms ook de financiële steun ontbeerden. 

Voor de grote evenementen zal ongetwijfeld heel veel geld geïnvesteerd zijn. Hopelijk ook voldoende opbrengsten. Uit eigen ervaring weet ik dat voor het verzorgen van een evenement (in dit geval Jazzy Koudum) het trekken en sleuren was wat betreft geld en aandacht. Het is uiteindelijk een hele leuke dag geworden. Met – wat mij betreft – als een van de hoogtepunten het optreden van de Dixieland Crackerjacks in verzorgingshuis De Finke. Tot groot plezier van de bewoners en verzorgers. Deze bewoners komen nauwelijks meer het huis uit. Laat staan dat ze in Leeuwarden komen. 

Ik begreep dat de organisatie van LF 2018 al bezig is met de erfenis van 2018: nieuwe culturele evenementen in 2019 (en verder). Prachtig! Maar ik roep alle stakeholders op om meer oog te krijgen voor kleinschalige evenementen. Je kunt een miljoen investeren in een groot project. Maar ga eens na hoeveel kleinschalige evenementen (verspreid over heel Fryslân) je met dat geld kan steunen voor de eigen bewoners van Fryslân en de toeristen. En met name om die evenementen te brengen naar hen die niet (meer) in staat zijn om naar evenementen toe te gaan. 

Dixieland Crackerjacks in De Finke tijdens Jazzy Koudum 2018

10 hours ago

koudum.nl

Hartenkreet van Rob Goedhart, inwoner van Koudum

Onlangs ontving ik het digitale fotoboek over het afgelopenjaar, waarin Leeuwarden-Fryslân Culturele Hoofdstad van Europa was. Een werkelijk prachtig overzicht van werkelijk prachtige (grote) evenementen.

Toch mis ik iets. Toen Leeuwarden meedong naar de plek als culturele hoofdstad van Europa werd gezegd dat het niet alleen om Leeuwarden zou gaan, maar om heel Fryslân. En dat de activiteiten (ook) vanuit de mienskip zouden moeten komen. Volgens mij zijn er dan ook in heel Fryslân kleinschalige evenementen geweest die niet of nauwelijks aandacht hebben gekregen. En soms ook de financiële steun ontbeerden.

Voor de grote evenementen zal ongetwijfeld heel veel geld geïnvesteerd zijn. Hopelijk ook voldoende opbrengsten. Uit eigen ervaring weet ik dat voor het verzorgen van een evenement (in dit geval Jazzy Koudum) het trekken en sleuren was wat betreft geld en aandacht. Het is uiteindelijk een hele leuke dag geworden. Met – wat mij betreft – als een van de hoogtepunten het optreden van de Dixieland Crackerjacks in verzorgingshuis De Finke. Tot groot plezier van de bewoners en verzorgers. Deze bewoners komen nauwelijks meer het huis uit. Laat staan dat ze in Leeuwarden komen.

Ik begreep dat de organisatie van LF 2018 al bezig is met de erfenis van 2018: nieuwe culturele evenementen in 2019 (en verder). Prachtig! Maar ik roep alle stakeholders op om meer oog te krijgen voor kleinschalige evenementen. Je kunt een miljoen investeren in een groot project. Maar ga eens na hoeveel kleinschalige evenementen (verspreid over heel Fryslân) je met dat geld kan steunen voor de eigen bewoners van Fryslân en de toeristen. En met name om die evenementen te brengen naar hen die niet (meer) in staat zijn om naar evenementen toe te gaan.

Dixieland Crackerjacks in De Finke tijdens Jazzy Koudum 2018
... Meer lezenMinder lezen

Hartenkreet van Rob Goedhart, inwoner van Koudum

Onlangs ontving ik het digitale fotoboek over het afgelopenjaar, waarin Leeuwarden-Fryslân Culturele Hoofdstad van Europa was. Een werkelijk prachtig overzicht van werkelijk prachtige (grote) evenementen. 

Toch mis ik iets. Toen Leeuwarden meedong naar de plek als culturele hoofdstad van Europa werd gezegd dat het niet alleen om Leeuwarden zou gaan, maar om heel Fryslân. En dat de activiteiten (ook) vanuit de mienskip zouden moeten komen. Volgens mij zijn er dan ook in heel Fryslân kleinschalige evenementen geweest die niet of nauwelijks aandacht hebben gekregen. En soms ook de financiële steun ontbeerden. 

Voor de grote evenementen zal ongetwijfeld heel veel geld geïnvesteerd zijn. Hopelijk ook voldoende opbrengsten. Uit eigen ervaring weet ik dat voor het verzorgen van een evenement (in dit geval Jazzy Koudum) het trekken en sleuren was wat betreft geld en aandacht. Het is uiteindelijk een hele leuke dag geworden. Met – wat mij betreft – als een van de hoogtepunten het optreden van de Dixieland Crackerjacks in verzorgingshuis De Finke. Tot groot plezier van de bewoners en verzorgers. Deze bewoners komen nauwelijks meer het huis uit. Laat staan dat ze in Leeuwarden komen. 

Ik begreep dat de organisatie van LF 2018 al bezig is met de erfenis van 2018: nieuwe culturele evenementen in 2019 (en verder). Prachtig! Maar ik roep alle stakeholders op om meer oog te krijgen voor kleinschalige evenementen. Je kunt een miljoen investeren in een groot project. Maar ga eens na hoeveel kleinschalige evenementen (verspreid over heel Fryslân) je met dat geld kan steunen voor de eigen bewoners van Fryslân en de toeristen. En met name om die evenementen te brengen naar hen die niet (meer) in staat zijn om naar evenementen toe te gaan. 

Dixieland Crackerjacks in De Finke tijdens Jazzy Koudum 2018

2 days ago

koudum.nl

Het schrijnt
Praat er maar niet over heet het boek dat Teus Dorrepaal schreef over de worsteling van een jonge homo binnen de kerk. De titel schrijnt. Zoals eeuwenlang geloof schrijnde in de ziel van homo’s.

Misschien dat Teus daarom mij als classispredikant een eerste exemplaar heeft aangeboden deze week. Praat er maar niet over voert mij terug naar mijn eigen jeugd. Bij ons thuis praatte men niet over homoseksuelen.

Eén keer wel. Mijn moeder vertelde over mannen die andere mannen liefhadden zoals mannen en vrouwen. Dat het niet erg was dat zij zo waren, maar dat je er niet naar mocht leven. “Wie bijvoorbeeld?”, vroeg ik. “Ik ken niemand van hen”, antwoordde ze. Ik denk naar waarheid, want wie het aanging, sprak er niet over in die dagen.

Toen ik ging studeren maakte ik deel uit van een introductiegroep onder leiding van een ouderejaarsstudent. Een frisse jongen die veel wist van studeren, de stad, theologie en God. Ik keek spoedig tegen hem op.

Verderop in de week vertelde hij ons dat hij homo was. Hij was voor mij de eerste die er openlijk over sprak. Later ontmoette ik twee vriendinnen die samenwoonden, we raakten goed bevriend. En vierden de geboorte en de doop van hun zoontje mee.

Inmiddels heb ik twee lieve zwagers die gelukkig getrouwd zijn met elkaar, en onlangs samen ouderling zijn geworden binnen onze kerk. En heb ik gemeenteleden meegemaakt die minder of meer openlijk uitkwamen voor hun homoseksualiteit. Ik leerde hoeveel dit soms schrijnt.

Jaren geleden nam ik deel aan de schrijnende discussie in de Hervormde Synode, het landelijk kerkbestuur, over de plaats van homoseksuelen binnen onze kerk. Daar stonden kerkleden die vanuit geloof en geweten vonden dat homoseksualiteit door de lieve Heer wordt afgewezen recht tegenover degenen die geloofden dat juist zíj door Hem omarmd zijn.

Enerzijds vrome gelovigen die zeiden: “Hier sta ik, ik kán niet anders, dit mag niet.” Anderzijds vrome gelovigen: “Wij mogen hen niet uitsluiten, hier sta ik, ik kán niet anders.” Terzijde vrome gelovigen die met hart en ziel geloofden, en liefhadden, en zeiden: “Hier sta ik, ik bén niet anders.” Dat schrijnde hevig.

Inmiddels, bijna 25 jaar verder, voert onze kerk nog steeds dit gesprek. Schrijnend, zeker, maar de aanvaarding van homoseksuele medegelovigen is sindsdien enorm gegroeid. En binnen de kerk praten we er tenminste open met elkaar over. Dat is buiten de kerk vaak anders, en zo mogelijk nog schrijnender.

Het meest schrijnend is het gesprek dat binnen homoseksuele gelovigen zelf gevoerd wordt: “Mag ik van de lieve Heer zijn wie ik ben, en mag van Hem leven zoals ik leef?” Ik zou hen willen toeroepen: “Het mag!”

Dat helpt niet, op die vraag kunnen zij enkel zelf het antwoord vinden. Op de tere en schrijnende wijze waarop Teus Dorrepaal zijn boek heeft geschreven. Moge het ons helpen te stoppen wat schrijnt.



Gepubliceerd in de Leeuwarder Courant, 8 december 2018. (Foto Wim Beekman: Niels Westra, Leeuwarder Courant)
... Meer lezenMinder lezen

Het schrijnt
Praat er maar niet over heet het boek dat Teus Dorrepaal schreef over de worsteling van een jonge homo binnen de kerk. De titel schrijnt. Zoals eeuwenlang geloof schrijnde in de ziel van homo’s.

Misschien dat Teus daarom mij als classispredikant een eerste exemplaar heeft aangeboden deze week. Praat er maar niet over voert mij terug naar mijn eigen jeugd. Bij ons thuis praatte men niet over homoseksuelen.

Eén keer wel. Mijn moeder vertelde over mannen die andere mannen liefhadden zoals mannen en vrouwen. Dat het niet erg was dat zij zo waren, maar dat je er niet naar mocht leven. “Wie bijvoorbeeld?”, vroeg ik. “Ik ken niemand van hen”, antwoordde ze. Ik denk naar waarheid, want wie het aanging, sprak er niet over in die dagen.

Toen ik ging studeren maakte ik deel uit van een introductiegroep onder leiding van een ouderejaarsstudent. Een frisse jongen die veel wist van studeren, de stad, theologie en God. Ik keek spoedig tegen hem op.

Verderop in de week vertelde hij ons dat hij homo was. Hij was voor mij de eerste die er openlijk over sprak. Later ontmoette ik twee vriendinnen die samenwoonden, we raakten goed bevriend. En vierden de geboorte en de doop van hun zoontje mee.

Inmiddels heb ik twee lieve zwagers die gelukkig getrouwd zijn met elkaar, en onlangs samen ouderling zijn geworden binnen onze kerk. En heb ik gemeenteleden meegemaakt die minder of meer openlijk uitkwamen voor hun homoseksualiteit. Ik leerde hoeveel dit soms schrijnt.

Jaren geleden nam ik deel aan de schrijnende discussie in de Hervormde Synode, het landelijk kerkbestuur, over de plaats van homoseksuelen binnen onze kerk. Daar stonden kerkleden die vanuit geloof en geweten vonden dat homoseksualiteit door de lieve Heer wordt afgewezen recht tegenover degenen die geloofden dat juist zíj door Hem omarmd zijn.

Enerzijds vrome gelovigen die zeiden: “Hier sta ik, ik kán niet anders, dit mag niet.” Anderzijds vrome gelovigen: “Wij mogen hen niet uitsluiten, hier sta ik, ik kán niet anders.” Terzijde vrome gelovigen die met hart en ziel geloofden, en liefhadden, en zeiden: “Hier sta ik, ik bén niet anders.” Dat schrijnde hevig.

Inmiddels, bijna 25 jaar verder, voert onze kerk nog steeds dit gesprek. Schrijnend, zeker, maar de aanvaarding van homoseksuele medegelovigen is sindsdien enorm gegroeid. En binnen de kerk praten we er tenminste open met elkaar over. Dat is buiten de kerk vaak anders, en zo mogelijk nog schrijnender.

Het meest schrijnend is het gesprek dat binnen homoseksuele gelovigen zelf gevoerd wordt: “Mag ik van de lieve Heer zijn wie ik ben, en mag van Hem leven zoals ik leef?” Ik zou hen willen toeroepen: “Het mag!”

Dat helpt niet, op die vraag kunnen zij enkel zelf het antwoord vinden. Op de tere en schrijnende wijze waarop Teus Dorrepaal zijn boek heeft geschreven. Moge het ons helpen te stoppen wat schrijnt.

 

Gepubliceerd in de Leeuwarder Courant, 8 december 2018. (Foto Wim Beekman: Niels Westra, Leeuwarder Courant)

2 days ago

koudum.nl

In de Leeuwarder Courant van vandaag staat een artikel over fampridine, een medicijn voor MS-patiënten dat na 1 januari niet langer opgenomen wordt in het basispakket. Het Zorginstituut Nederland (ZIN) adviseerde de minister van Medische Zorg om het middel niet te laten vergoeden, omdat het volgens het ZIN niet bewezen is dat het ook werkt. Al eerder schreven we hier dat onze plaatsgenoot Tom Leppink wél veel baat lijkt te hebben van het medicijn.

Leppink wordt ook geïnterviewd in het artikel in de Leeuwarder Courant. Daarin zegt hij dat zijn kwaliteit van leven er enorm op vooruit is gegaan sinds hij het medicijn gebruikt. Zijn rolstoel heeft hij nu nauwelijks meer nodig, alleen nog voor 'noodgevallen'. Hij kan dankzij fampridine nu weer enkele kilometers lopen. Zo deed hij in mei mee aan een sponsortocht om geld in te zamelen voor de MS-vereniging. Gelukkig kan Tom Leppink het middel blijven gebruiken, omdat hij dat dankzij zijn werkende vrouw kan betalen, mede ook doordat het medicijn de laatste jaren fors goedkoper geworden is.

Maar het middel kost nog altijd veel geld en veel MS-patiënten zullen het dan ook niet uit eigen zak kunnen betalen. Dat zou betekenen dat zij na 1 januari zonder fampridine (op de markt gebracht onder de merknaam Fampyra) verder zullen moeten. Dat zal voor een aantal van hen tot gevolg hebben dat zij (nog) meer van anderen afhankelijk zullen zijn en minder zelfstandig door het toch al moeilijker leven kunnen. Daarom doen de MS-vereniging en nog enkele organisaties nogmaals een dringende oproep aan minister Bruins om tegen het advies van het ZIN het middel ook in 2019 en de daaropvolgende jaren te blijven vergoeden.

De petitie om deze oproep te ondersteunen staat hier.

Foto: Leeuwarder Courant 10 december 2019.
... Meer lezenMinder lezen

In de Leeuwarder Courant van vandaag staat een artikel over fampridine, een medicijn voor MS-patiënten dat na 1 januari niet langer opgenomen wordt in het basispakket. Het Zorginstituut Nederland (ZIN) adviseerde de minister van Medische Zorg om het middel niet te laten vergoeden, omdat het volgens het ZIN niet bewezen is dat het ook werkt. Al eerder schreven we hier dat onze plaatsgenoot Tom Leppink wél veel baat lijkt te hebben van het medicijn.

Leppink wordt ook geïnterviewd in het artikel in de Leeuwarder Courant. Daarin zegt hij dat zijn kwaliteit van leven er enorm op vooruit is gegaan sinds hij het medicijn gebruikt. Zijn rolstoel heeft hij nu nauwelijks meer nodig, alleen nog voor noodgevallen. Hij kan dankzij fampridine nu weer enkele kilometers lopen. Zo deed hij in mei mee aan een sponsortocht om geld in te zamelen voor de MS-vereniging. Gelukkig kan Tom Leppink het middel blijven gebruiken, omdat hij dat dankzij zijn werkende vrouw kan betalen, mede ook doordat het medicijn de laatste jaren fors goedkoper geworden is.

Maar het middel kost nog altijd veel geld en veel MS-patiënten zullen het dan ook niet uit eigen zak kunnen betalen. Dat zou betekenen dat zij na 1 januari zonder fampridine (op de markt gebracht onder de merknaam Fampyra) verder zullen moeten. Dat zal voor een aantal van hen tot gevolg hebben dat zij (nog) meer van anderen afhankelijk zullen zijn en minder zelfstandig door het toch al moeilijker leven kunnen. Daarom doen de MS-vereniging en nog enkele organisaties nogmaals een dringende oproep aan minister Bruins om tegen het advies van het ZIN het middel ook in 2019 en de daaropvolgende jaren te blijven vergoeden.

De petitie om deze oproep te ondersteunen staat hier.

Foto: Leeuwarder Courant 10 december 2019.
Meer berichten laden

RONDVLUCHT KOUDUM

Ontdek ons mooie dorp vanuit de lucht. Centraal gelegen en omringd door het waterrijke Friese merengebied en de Gaasterlandse bossen.

Bekijk het filmpje en maak een rondvlucht over Koudum!