In Geen categorie

Jochems gevraagd

Zondag 28 juni zendt Omrop Fryslân vanuit Franeker de laatste kerkdienst-in-coronatijd uit. Voorgangers, voorbidders en vele anderen zagen we in- en uitvliegen, maar organist Jochem bleef alle zestien vieringen op het nest.

Om tien uur als eerste in beeld, en een uur later, terwijl de Martinikerk van grote hoogte gefilmd langzaam van het scherm verdween, als laatste te horen.

De organist bouwt het geraamte van de kerkdienst. Hij weeft van het binnenkomen van de kerkgangers tot hun uitgaan, en op de vaste liturgische momenten daartussen, een gebinte van gewijde klanken.

Een orgel is een groots instrument. De talloze fluiten, trompetten en fagotten, aangevuld door de ‘hemelse stem’, een register met het geluid van vele strijkers, vormen Gods eigen orkest. Wanneer ik orgelmuziek hoor, moet ik aan de lieve Heer denken. Ergens heb ik waarschijnlijk een kerkorgel in mijn genen.

Soms klinkt er in kerkdiensten ook muziek van deze tijd. Een stevige band, een paar swingende zangers, een tere harp of een indringende fluit. Het is van alle tijden, in mijn jeugd haalden we ook een combo met drumstel en gitaren de kerk in. Mooi, maar eeuwig was het niet.

Er zal in de kerkdienst altijd ook een organist nodig zijn. Nou zijn er in onze tijd weinig nieuwe mensen die zich bekwamen in het orgelspel. Daarom ook ben ik blij met Jochem wekelijks in beeld. Een spelende oproep: Jochems gevraagd! 

Organisten zijn er in soorten en maten. Zij die getalenteerd hun vingers lichtvoetig over de toetsen laten zweven, en zij die zwoegend de melodie tot een goed einde trachten te brengen. Kundige professionals en bevlogen amateurs, en velen daartussen. Ik heb ze allen even lief.

Allemaal zijn zij bevangen door de liefde voor orgelmuziek. Liefde maakt blind. Hun orgel is het een en al. In het dorp waar ik dominee was ging het verhaal van een nijdige organist die ‘koppen dicht’ naar beneden riep als men voor de dienst door zijn spel heen roezemoesde.

Nu is blindheid menige dominee ook niet vreemd, dus kan het soms wel eens vonken tussen wie van de preekstoel de woorden verkondigt, en wie vanaf de orgelbank de noten doet klinken. Als de een met hart en ziel een tekst verlangt, waarvan de ander de muziek verfoeit. En andersom.  

Maar meestal vullen organist en dominee elkaar aan. Zoals de woorden van een lied en de melodie waarmee ze klinken vooral samen tot bloei komen. Dat hebben de afgelopen weken in coronatijd mij wel duidelijk gemaakt.

Er wordt in een online-viering geregeld een psalm hardop voorgelezen, en van een ander gezang enkel de melodie gespeeld. In beide gevallen komt het gelovig hart te kort. Jochem weet dat als geen ander, en zocht zangers met wie hij elke keer een twee-eenheid vormde.

Ik zal Jochem Schuurman missen de komende weken. Graag wil ik hem bij dezen uitroepen tot oargelist fan it Heitelân.

Gepubliceerd in de Leeuwarder Courant, 27 juni 2020. (Foto Wim Beekman: Niels Westra, Leeuwarder Courant).