Herinnerd worden
In Brixen, een middelgrote stad in de Italiaanse Dolomieten, stuit ik midden in een winkelstraat op de ‘Schutzengelkirche’. De kerk is, zoals alle kerken hier, de hele dag open. Je kunt er zomaar binnenlopen, mediteren, bidden, of gewoon even stil zijn. En je kunt er een kaarsje aansteken voor de mensen die je in gedachten of zorgen met je meedraagt.
Kerken die alle dagen open zijn, mis ik bij ons. Wij hebben ook mooie kerken en kerkjes. Maar de meeste zijn protestant en alleen op zondagmorgen open. Als je de rest van de week even bij de lieve Heer op bezoek wilt gaan, kom je voor een dichte deur.
Voor protestanten is de kerk vooral een huis van de kerkelijke gemeente. Een gebouw waar op zondag de gelovigen samenkomen en daar onder elkaar zijn. Daar loven ze God, horen ze een preek en bidden zij. Ook mooi. Maar hun kerk is meer een huis van mensen dan een huis van God. Dus wanneer de mensen er niet zijn dan is de kerk dicht.
Voor katholieken hier in Italië is een kerk vooral een huis van God. Er brandt dag en nacht een godslamp als teken van Gods aanwezigheid. En de kerkruimte is ingericht met het oog op de Heer zelf. Je kunt er altijd terecht om te bidden of te biechten. De kerk is hier een plaats waar je in gesprek kunt gaan met God over alles wat je hart vervult.
In de Schutzengelkirche zijn de levenden te gast bij de Heer, maar ook de overledenen worden voor het aangezicht van God gebracht. Tegen de achterwand hangen de bidprentjes van bijna tweehonderd gestorvenen. Daarop een foto, de geboortedatum en de dag van overlijden. Vaak met nog enkele woorden over hun leven.
Bij het prentje van een 92-jarige weduwe: ‘Het belangrijkste in het leven zijn de sporen die we achterlaten wanneer we weggaan.’ En van een moeder van 88 jaar: ‘Moeder, zorg en moeite was uw dagelijks brood. Aanvaard onze dank die wij u in uw leven niet konden geven. God, in de hemel, zal het u vergelden.’
Hier in Italië worden de mensen die bij hun dierbaren zijn weggestorven overal in het dagelijks leven herinnerd. Midden in de stad, en ook op de bergpaden in the middle of nowhere. In het gewone dagelijkse leven staan Italianen stil bij hun overledenen. Mooi is dat.
In een klein kapelletje langs een wandelpad door de groene alpenweide vind ik, tussen de bloeiende alpenbloemen, het mooiste bidprentje van deze vakantie. Het is van een vrouw van bijna zeventig, zo’n beetje mijn eigen leeftijd.
In het kapelletje heeft iemand een brandende kaars bij haar bidprent neergezet. Op de voorzijde daarvan kijkt zij me vriendelijk aan, met open blik. Op de achterzijde lees ik een gedicht van de jonggestorven Amerikaanse dichteres Emily Dickinson (1830-1886):
Herinnerd worden
is bijna als geliefd worden,
en geliefd worden
is als de hemel.
Gepubliceerd in de Leeuwarder Courant, 20 juni 2026. (Foto Wim Beekman: Niels Westra, Leeuwarder Courant).
van Zuidwest Friesland
