In Geen categorie

Jorrit

Deze tijd van corona, waarin wij leren de dingen te aanvaarden zoals ze zijn, brengt mij Jorrit in gedachten. Een jonge, hartelijke man met een ruw randje. Kort om de hoek soms, het hart op de tong, en dat hart was ruim en warm.

Zo goed als alleen zorgde hij voor de beide kinderen. Ook verzorgde hij zijn vrouw. Zij had, zoals we dat tegenwoordig noemen, een niet aangeboren hersenletsel. Alle vitale functies als praten, lopen en kauwen ontvielen haar. Zij kregen het leven niet cadeau.

Jorrit verleende de zorg aan zijn vrouw vanzelfsprekend en trouw. Liefde en zorg smolten samen. Toen het niet meer ging thuis, en zij in een verpleeginstelling moest worden opgenomen, bezocht hij haar met dezelfde trouw en een even grote vanzelfsprekendheid. Als het haar aan iets ontbrak, kwam hij op de afdeling even kort om de hoek.

Geen van beiden tilden zij zwaar aan de dingen. Nooit zag ik tegen een bezoek aan hen op. Zij liet zich in het verpleeghuis meenemen door het dagelijks ritme van zorg en vertier. Hij deed zijn dingen thuis en op het werk. Zij namen beiden de dingen zoals zij kwamen.

Jorrit had dat van huis uit meegekregen. Hij was van katholieke komaf. Soms kon hij wel eens even opspatten tegen God en tegen het lot, maar daarna legde hij zich weer rustig bij de dingen neer. “Onze lieve Heer geeft, onze lieve Heer neemt, zo is het leven dominee. Zullen we nog een bakje koffie nemen?”

Jorrits vrouw overleed in een voor mij drukke week. Het was puzzelen om een dag voor de uitvaart te vinden. Op vrijdag had ik een trouwerij, en op donderdag en zaterdag een andere begrafenis. Jorrit wilde zijn vrouw graag op vrijdag begraven.

“Dan heb ik die middag al een huwelijksdienst”, zei ik. “Dan houden we de rouwdienst maar ‘s morgens”, zei hij. “Jorrit, ik kan toch niet ‘s ochtends een uitvaart van een jonge vrouw doen, en ’s middags in dezelfde kerk twee jonge mensen trouwen”, antwoordde ik.

Hij keek me aan en zweeg. Toen zei hij: “Dacht u dat het voor mij makkelijk is.” Dus ben ik op één dag voorgegaan in een dienst van rouw en een viering van trouw. De beide preken waren verschillend, maar de grondtoon stemde overeen: liefde en zorg vullen elkaar aan.

’s Morgen ging het over de lieve Heer die geeft, en die neemt. Het licht viel op de tijden van verdriet die in het leven komen. Ook de liefde ontbrak niet. Dat was ik aan Jorrits trouw en zorg verschuldigd.

’s Middags preekte ik over de liefde. En heb ik ook voorzichtig laten doorklinken dat liefde en zorg in goede en in kwade dagen zomaar kunnen samensmelten.

“Zo is het leven”, hoor ik in deze dagen van corona Jorrit soms zeggen. “Zullen we nog een bakje koffie nemen?”

Gepubliceerd in de Leeuwarder Courant, 25 juli 2020. (Foto Wim Beekman: Niels Westra, Leeuwarder Courant). De komende weken zullen er geen columns van Wim Beekman verschijnen.