De kleine eik
Op de polderdijk langs de vaart zie ik tussen het riet een kleine eik. Het is voor het eerst dat dit boompje mij opvalt, terwijl ik hier toch geregeld langs wandel. Hé, denk ik, wat doet dat eikje hier? Er is hier verder immers geen eikenboom te vinden. Hier en daar zie je een wilg in dit vlakke polderlandschap. Soms staat er aan de rand van het water een groepje hazelaars. En overal groeien er bramen langs het pad. Maar eiken vind je hier niet.
Behalve deze. Hoe zou die hier gekomen zijn? Is er misschien een eikel aangespoeld en tussen het riet geraakt? En heeft die wortel geschoten? Of zijn kinderen hier in de herfst langsgefietst, de zakken vol eikels, waarmee ze elkaar hebben bekogeld? Het is me een raadsel, maar ja, de kleine eik groeit hier wel. Midden tussen het riet op deze polderdijk is hij hier zomaar gaan groeien. En nu staat het boompje staat hier in zijn eentje dapper een eik te wezen.
De kleine eik is hier natuurlijk niet thuis. Het is een eenzame vreemdeling, een minderjarige asielzoeker. Al hoeft hij niet langer te zoeken, hij heeft hier nu hier zijn stek gevonden. Maar de eik hoort hier niet. Die hoort in een eikenbos, of in een rij eiken langs de weg. Ik weet ook niet of deze eik hier eigenlijk wel gewenst is. Straks groeit hij uit tot een grote eikenboom, begint hij zelf ook eikels te vormen, en gaat hij die allemaal uitzaaien. Dan staat het hier over een aantal jaren vol met eiken.
Die kunnen dan zomaar de wilgen die hier wel thuishoren verdringen. De hazelaars overschaduwen die dan geen kans meer hebben zich te ontwikkelen. En zullen de bramen nog wel rijpen als ze straks onder al die de eiken schuilgaan? Is deze polderdijk trouwens wel bestand tegen een bos eikenbomen? Zullen hun wortels de dijk niet vernielen? Dan krijgen we hier straks een overstroming en loopt de polder vol. Die eik tast onze belangen aan. Kunnen eikenbomen niet beter gewoon blijven waar ze thuishoren?
Tja, maar hij is wel een van onze wereldbewoners. En nu een van onze polderbewoners. Hij hoort nu net zo zeer bij ons dorp als dat rijtje eiken helemaal aan de andere kant van het dorp. En wie weet zullen onze vogels straks ook in zijn takken nestelen. Waarom horen bepaalde wereldbewoners eigenlijk alleen daar en niet hier? Het loopt toch altijd door elkaar? Dat is altijd zo geweest en zal altijd zo blijven. Je leeft niet alleen, je leeft samen. Dus plakken steeds meer gewone, redelijke mensen een ‘Samen Leven-poster’ achter hun ramen.
Eens in de zoveel tijd snoeien de werkers van de gemeentelijke buitendienst hier langs het pad de hazelaars, de wilgen en de bramen. Dan zal de kleine eik ook gefatsoeneerd worden. Nu hoop ik niet dat ze hem met wortel en tak weghalen. Want hij hoort hier oorspronkelijk weliswaar niet, maar is inmiddels wel ónze kleine eik op ónze polderdijk geworden.
Gepubliceerd in de Leeuwarder Courant, 5 september 2026. (Foto Wim Beekman: Niels Westra, Leeuwarder Courant).
