Klein orgel
Het kleine kerkorgel in Molkwerum heeft in zijn leven veel meegemaakt. Bijna driehonderdvijftig jaar geleden is het gebouwd voor de kapel van Landgoed Rijs. Daar streken ooit rijke families uit welvarend Holland neer. Zij hielpen Gaasterland mee ontwikkelen. Eén van die families, de Van Swinderens, schonk het orgeltje bijna tweehonderd jaar later aan de dorpskerk van Molkwerum. Daar heeft het, klein maar dapper, ongeveer vijftig jaar dienst gedaan om de gemeentezang in de zondagse kerkdiensten te begeleiden.
Daarna heeft de kerk van Molkwerum het verkocht aan de kerk van Bozum. Misschien vond Molkwar het te klein, misschien wilde men een instrument dat ‘meer van deze tijd’ was. Wie zal het zeggen, soms krijgen we het zomaar ineens wat hoger in de bol. Boven de preekstoel in Molkwerum verscheen een moderner orgel. Maar hoogmoed komt voor de val: het nieuwe orgel beviel van geen kanten. Binnen vijftig jaar kocht Molkwar het oude orgel terug van de Bozumers en herstelde het in ere. Nu speelt alweer vijftig jaar ons mooie orgeltje vanaf de galerij in ons mooie kerkje.
Maar een orgel is een mechanisch ding, met de hand gemaakt van hout en zink en zo. Het hangt aan elkaar van slangetjes en stangetjes, van leertjes en viltjes. Er wordt lucht door houten kasten gestuurd, en op een gegeven moment begint het te lekken. Het kleine orgel raakte aan groot onderhoud toe. Het afgelopen half jaar is het orgel uit elkaar gehaald en alle onderdelen zijn opnieuw te pas gemaakt. De leertjes en viltjes zijn vernieuwd en nu speelt het kleine orgel weer de sterren van de hemel. Afgelopen zondag is het feestelijk opnieuw in gebruik genomen.
Er waren klinkende toespraken, er klonk mooie orgelmuziek, en we zongen een lied dat een van onze organisten, Herman Beks, speciaal voor ons orgel heeft geschreven. We hebben het gezongen, begeleid op het orgel, op de melodie van ‘Wat de toekomst brengen moge’:
Ode aan het orgel
Hoe dit orgel klinken moge,
wordt geleid door ‘s Heren hand.
Vriend’lijk richt ik dus mijn ogen
naar de kansel, predikant.
Hem/haar volg ik zonder vragen,
dominee, uw wil is wet.
Daarom speel ik zonder klagen
na uw woord en uw gebed.
Orgel, ‘k wil uw pijpen loven,
‘t mechaniek begrijp ik niet,
maar uw klank doet mij geloven
in het wonder van het lied.
Mogen dan mijn handen beven
en bevangen door uw macht,
spelend doet gij mij weer leven,
in uw klank vind ik weer kracht.
Uw register laat mij beslissen:
links en rechts, zoals u dat wilt.
‘k Zou uw tonen niet graag missen.
door uw rijkdom opgetild.
Wil mij, organist, behand’len
die alleen de weg niet vindt.
Laat mijn hand op u belanden
en blijf mij steeds goedgezind.
Hoe dit orgel klinken moge,
wel geleid door ‘s Heren hand,
maken tonen, lage en hoge,
deel uit van één groots verband.
Gepubliceerd in de Leeuwarder Courant, 11 juli 2026. (Foto Wim Beekman: Niels Westra, Leeuwarder Courant). De komende vijf weken heeft Wim Beekman zomerreces en verschijnt deze column niet.
