Koudum.nl

Burgemeester opent expositie Histoarysk Koudum

Ten overstaan van zo’n dertig genodigden opende burgemeester Jannewietske de Vries van de gemeente Súdwest-Fryslân de nieuwe expositie van Histoarysk Koudum over de Tweede Wereldoorlog. Die expositie vindt plaats in galerie Lytse Skientme in de Hoofdstraat van Koudum. Onder de genodigden waren onder andere vertegenwoordigers van historische verenigingen uit de omgeving, naast enkele dorpsgenoten, waaronder vertegenwoordigers van de Ondernemersvereniging Koudum. De burgemeester was graag bij deze bijeenkomst aanwezig, zo zei ze, omdat Histoarysk Koudum de eerste organisatie in de gemeente is die op deze manier aandacht besteedt aan de viering van ’80 jaar vrijheid’ in 2025.

In zijn openingswoord benadrukte Jan de Vries, voorzitter van Histoarysk Koudum, het belang van het doorvertellen van geschiedenisverhalen. “Mei eksposysjes,” zo zei de Vries, “wol Histoarysk Koudum sjen litte wat yn it doarpsargyf sit, net allinnich om dêrmei te wurkjen oan it fertrouwen yn ús as organisaasje, mar foaral om histoarysk besef te kweken yn de Koudumer mienskip, wêrmei’t de skiednis miskien in bytsje mear romte kriget yn it hâlden en dragen fan ús as mienskip.”

De expositie heeft als titel ‘Koudumer verhalen uit de Tweede Wereldoorlog’ en Histoarysk Koudum selecteerde twaalf van die Koudumer verhalen voor deze expositie. De Vries: “De ferhalen fan dizze eksposysje binne net samar ferhalen, it binne skiednisferhalen, ferhalen dus dy’t ûntstien binne omdat der wat bard is.” Dat zijn soms glorieuze verhalen, maar ook verhalen over verdriet of verraad. In de woorden van De Vries: “Yn dizze eksposysyje sitte glorieuze ferhalen oer fersetsdieden, sa as dy oer it ûnderbringen fan ûnderdûkers en bygelyks it drukken fan de earste Vrij Nederland en ek in stikmannich krityske ferhalen, sa as dy oer dokter Van de Water, de atypyske NSB’er Anne Jac. Van der Veer en fansels it Grutte Swijen oer twa mooglik net terjochte likwidaasjes yn Koudum.”

Na het openingswoordje van Jan de Vries ging Jelle van der Meulen nader in op enkele van die twaalf verhalen. Voor hem, afkomstig uit Noord-Holland, was bevrijdingsdag altijd ‘gewoon’ 5 mei, maar sinds zijn verhuizing naar Koudum stond hij nu ook elk jaar stil bij 17 april. Op 16 mei 1945 had de toenmalige burgemeester van de gemeente Hemelumer Oldeferd op een vraag van de Commissaris der Koningin in Friesland al vastgesteld: “In antwoord op uw aangehaald schrijven heb ik de eer U hierbij te berichten, dat voor deze gemeente 17 april l.l. als dag der bevrijding moet worden aangenomen.”

Van der Meulen stipte ook de verhalen aan achter de twee verzetsstrijders die op 16 juni 1944, “de zwartste dag”, in Koudum vermoord zijn en naar wie straten in Koudum vernoemd zijn: Tjalke van der Wal en Gerben Ypma. Ook noemde hij het verhaal van de crash van de geallieerde bommenwerper die op 3 juli 1942 bij Koudum door de Duitsers werd neergehaald. Voor de slachtoffers daarvan realiseerde Histoarysk Koudum in 2012 al een prachtig monument. Het schilderij dat voor dat monument gemaakt werd, hangt uiteraard ook op de expositie.

Waar hij zelf het meest aan gewerkt had, zo vertelde Van der Meulen, was het verhaal van de schilder W.J. Dijk en diens schoonzoon A. van de Water. De schilder/tekenaar Willem Jans Dijk (1881-1970) verbleef met zijn vrouw een flink deel van de Tweede Wereldoorlog op Galamadammen bij Koudum, omdat zijn huis in Den Haag in spergebied lag. Gedurende de hele Tweede Wereldoorlog hield hij een dagboek bij. Een door de familie uitgetypte versie van dat dagboek belandde in 2023 bij Histoarysk Koudum.

De schoonzoon van W.J. Dijk was Albert van de Water. Deze voormalige KNIL-arts-officier werd in 1940 huisarts in Koudum op huize Grovestins. Opeens, in 1943, was de dokter weg. Het verhaal in Koudum ging dat hij een pakje sigaretten ging halen en niet meer terugkwam. Histoarysk Koudum ontdekte dat deze arts vrijwillig in een ziekenhuis in Duitsland was gaan werken, waarschijnlijk omdat hij wegens ernstige rugpijnen verslaafd was aan pijnstillers.

Van der Meulen eindigde met het verhaal van de eerste gedrukte editie van het illegale blad Vrij Nederland. Die werd gedrukt bij drukkerij Hoekstra in Koudum, eind december 1941. De gedrukte exemplaren werden begin januari naar Amsterdam gebracht door een dochter van Hoekstra die verpleegster was in Amsterdam. Een zestienjarig zusje, Feikje, ging mee. Elk met twee grote koffers op de boot van Staveren naar Enkhuizen en vandaar met de trein naar Amsterdam. Feikje vertelde er later onder andere over: “Voor het Centraal Station werd het toch nog even spannend. Wij zouden daar de pakketten aan het verzet overhandigen. Toen ik de pakketten uit de koffers haalde, vroeg een Duitse soldaat mij of hij mij kon helpen. Toen ik zei dat dat niet hoefde, ging hij weer weg.”

Op dat punt aangekomen vroeg Van der Meulen aan burgemeester De Vries om bij wijze van openingshandeling een oude koffer te openen. Daar zaten geen exemplaren van Vrij Nederland in, maar brochures die Histoarysk Koudum naar aanleiding van de expositie heeft gemaakt. In de brochure staan samenvattingen van de twaalf geselecteerde verhalen. Via een QR-code in de brochure (en ook op de expositie) zijn de uitgebreide verhalen op de website van Histoarysk Koudum te lezen.

Op de expositie hangen twaalf borden met een samenvatting van de ‘Koudumer verhalen uit de Tweede Wereldoorlog’ met veel foto’s. Daarnaast zijn er oorkondes te zien, behorende bij onderscheidingen, herdenkingsborden en -schildjes en veel ander materiaal uit de periode 1940-1945. Natuurlijk ligt er een exemplaar van die eerste in Koudum gedrukte Vrij Nederland – veilig onder een glasplaat.

De expositie in de galerie in de Hoofdstraat van Koudum is gratis te bezoeken van 16 januari tot 15 februari 2025 op donderdag, vrijdag en zaterdag van 13-17 uur. Er is altijd iemand van Histoarysk Koudum aanwezig om de verhalen toe te lichten.

De foto’s bij dit artikel zijn gemaakt door Histoarysk Koudum.

Mobiele versie afsluiten