Nieuws & Activiteiten
 

De column van Wim Beekman: Wandelmeisje

dinsdag, 1 augustus 2017
De wekelijkse column van Wim Beekman, gepubliceerd in de Leeuwarder Courant van 29 juli 2017


Wandelmeisje

In de zomer lijkt het nieuws met vakantie te gaan. Er is wel nieuws natuurlijk, maar er zijn te weinig journalisten en programmamakers om ons ervan te voorzien. Nieuwsbrengers hebben immers ook vakantie, evenals trouwens de nieuwsmakers, meestal de politici. Dus heeft het nieuws een paar maanden vrijaf.

Gelukkig zijn er in de zomer sportevenementen: de Tour de France, Wimbledon, het Europees Kampioenschap vrouwenvoetbal, het skûtjesilen – als sportliefhebber kom je niets te kort in de zomermaanden.

En er is de vierdaagse. De hele week vierdaagse. Nou mag ik graag even een bocht om wandelen, maar vier keer 30, 40 of 50 kilometer is voor mij te hoog gegrepen. De hele week Nijmeegse wandelaars op de televisie, in de krant en op de radio is mij trouwens ook wat veel van het goede.

Gelukkig was daar het wandelmeisje. Ik zat meteen op het puntje van mijn stoel. Een meisje van twaalf jaar dat drie jaar geleden met haar ouders en haar broertje naar Nederland is gevlucht.

“Wil je vertellen”, zegt de interviewer, “wat voor gevaarlijke dingen je meegemaakt hebt?” Dat wil ze liever niet en ze stelt een tegenvraag: “Hoe lang blijf je hier eigenlijk vluchteling? Je bent een keer gevlucht, maar hoe lang duurt ‘gevlucht’?

Eerst zei ik altijd tegen de mensen: Hallo, ik ben Loujein, en ik kom uit Syrië. Nu zeg ik liever: Hallo, ik ben Loujein, en ik ben twaalf jaar; dat mensen niet denken dat je heel anders bent. Ik ben een normaal mens hoor.”

De verslaggever probeert nog even een bijzonder meisje van haar te maken: “Wat spreek jij ontzettend goed Nederlands. Is het niet moeilijk om dat goed te leren?” Het meisje kijkt wat verbaasd: “Nee hoor, wij spraken Arabisch, dat is pas echt moeilijk met al die verschillende klanken. Als je dat kunt, dan kun je ook wel gewoon Nederlands leren.”

Of ze in die drie jaar heeft kunnen wennen? “Jawel hoor, ik wen heel snel als ik ergens anders woon. Als het er maar veilig is, en een leuk land. Ik moet alleen aan het weer wennen. In Syrië is het koud in de winter en warm in de zomer. Maar hier is het zomer in de winter en winter in de zomer.”

Loujein kent zelfs de teksten van kinderen voor kinderen uit het hoofd en citeert vrijuit: ‘ze zeggen dat je anders bent, dan hoor je er niet bij’. En: ‘Je bent goed zoals je bent’. Ze klaagt al over het weer, en vindt een hele dag wandelen saai – het is inmiddels wel duidelijk: Loujein is in drie jaar een gewoon Nederlands meisje geworden.

Dat je er nou een twaalfjarig meisje voor nodig hebt om te ontdekken dat vluchtelingen ook gewone mensen zijn. Zoals bij Paulus: ‘geen man of vrouw, geen Jood of Griek, geen vreemdeling of volksgenoot’.

Geen Syrische, geen vluchtelingenkind. Gewoon een wandelmeisje.