In Geen categorie

De wekelijkse column van Wim Beekman, gepubliceerd in de Leeuwarder Courant van 27 mei.

Scheppers naast God

We zijn bij de zuidpunt van het (Canarische) eiland La Palma en rijden midden door het gebied waar 46 jaar geleden een vulkaan uitbarstte. Alsof een reuzenploeg het landschap heeft opengetrokken – waar je ook kijkt enorme voren van zwarte rotsen. Zoals de eerste woorden van de Bijbel: In het begin schiep God de hemel en de aarde. De aarde nu was woest en doods.

Hier is helemaal niets. Alles begint met niets. Hier is de aarde opengebarsten met een luide oerknal; hier is, zover je kijken kunt, oersoep gestold tot kale, zwarte rotsen. Hier lijkt de wereld weer opnieuw begonnen.

Hier heeft kort geleden een lavastroom alle leven bedolven en versteend. En nu maar wachten op nieuwe schepping. Men zegt dat lava vruchtbare grond is. Warempel, wanneer we goed kijken, zien we hier en daar kleine, gele plantjes midden in de zwarte leegte. Dat belooft wat.

Even verderop, bij het strand van Punta Larga, komen we in een veel ouder vulkanisch gebied. Ook hier oogt het kaal, maar er groeit van alles. We rijden midden tussen de bananenplantages.

Hard werken hier. Enorme pompen voor het water dat met grote leidingen wordt aangevoerd vanuit de bergen. En overal pakt men de boomgaarden in met grote, witte tenten. Hier en daar werken groepjes arbeiders zwetend in de zon. In het zweet van je gezicht zul je het brood verdienen, zegt het scheppingsverhaal aan het begin van de Bijbel. Wil je iets van niets maken, dan zul je er wat voor moeten doen.

De Punta Larga’s hebben iets moois gemaakt van het leven in deze doodse woestenij. Verderop komen we bij een schilderachtige baai tussen in zee stekende zwarte rotsen. Daar hebben de mensen hier een kleine, idyllische nederzetting gebouwd. Van balken, plankieren en golfplaten. Heel veel golfplaten.

Drie rijen vriendelijk geschilderde huisjes, met ieder een grote veranda, die uitziet op de oceaan. En vooraan direct bij het zwarte strand een gemeenschappelijke ruimte waar men beschut kan zitten en de kleurige vissersbootjes stallen. Daar vinden we hun kapel.

Een kerkje van drie bij drie meter. Met een spits dak van golfplaten, en in de top een klein kruis. De binnenkant verrast nog meer: een met de hand gesneden Madonnabeeld, en op de arm draagt Moeder Maria haar kind.

In een vitrine met schelpen en andere door de zee gegeven kleinoden hebben de inwoners twee fotootjes gezet van kinderen die zij blijven dragen, ook al zijn ze hen ontnomen. Hun leven was niets meer. Toch hebben zij er iets van moeten maken.

Het scheppingsverhaal vertelt hoe God iets van niets maakt. De mensen van Punta Larga hebben begrepen dat het nooit de bedoeling is geweest van de lieve Heer dat we de schepping alleen aan Hem zouden overlaten. Ze leven op hun vulkaan met bananenplantages, golfplaten, veranda, gedachteniskapel en wat niet al. Als scheppers naast God.