In Geen categorie

De wekelijkse column van Wim Beekman, gepubliceerd in de Leeuwarder Courant van 3 juni 2017

Heilige schoondochter

Ieder van u heeft mensen die u heilig zijn. Daar valt uw schoonmoeder meestal niet onder. Legendarisch spannend kan de band met haar zijn. Ruth, de hoofdpersoon van het gelijknamige Bijbelboek, maakt hierop een gunstige uitzondering.

Elk jaar met Pinksteren wordt bij de Joden dit juweel van de Oosterse vertelkunst van A tot Z gelezen. Het verhaal pakt meteen:

Een modaal gezin – man, vrouw, twee zonen – vlucht vanwege honger en economische crisis naar een naburig land waar het leven goed is, om daar als vreemdeling te leven. Beide jongens trouwen met een vrouw uit dat vreemde land. Mensen hebben mensen nodig, dat gaat over grenzen heen. Er is niets nieuws onder de zon.

Dan slaat het noodlot toe. De vader van het gezin wordt ziek en sterft. Vervolgens worden de beide jongens ziek en ook zij sterven. De vrouw blijft achter met haar beide schoondochters. Geen mannen, geen middelen van bestaan; zo was dat in die dagen.

“Ik heet Naomi (lieflijke)”, zegt de vrouw, “maar noem mij toch Mara (bitter), want de Almachtige heeft mij veel kwaad en bitterheid aangedaan.” En wie zal dat durven ontkennen? Wij begrijpen soms onze medemens niet, maar ook de lieve Heer kan ondoorgrondelijk zijn.

“Laat mij terugkeren naar het land waar ik vandaan kom”, zegt mevrouw Mara. “Blijven jullie maar hier”, dringt zij aan, “want jullie hebben als vreemdelingen geen toekomst in mijn land. Niemand zit te wachten op vreemdelingen zonder inkomen.”

De ene schoondochter blijft achter. De ander, Ruth, staat erop bij haar schoonmoeder te blijven. “Uw volk is mijn volk en uw God is mijn God; waar u zult sterven, zal ik sterven, en daar zal ik begraven worden.”

Met die trouw is Ruth wereldberoemd geworden. Er is wel gezegd dat zij heel gelovig was. Of verknocht geraakt aan het volk Israël. Ik ben daar eerlijk gezegd niet zo zeker van. Eigenlijk denk ik gewoon dat haar schoonmoeder haar heilig was. Dat zij van haar hield. Dat maakt haar tot ‘heilige schoondochter’.

Niet dat de andere schoondochter, die terugkeerde naar haar eigen land en volk, onheilig was. Zij deed het gewone. Dat wat vrijwel ieder van ons gedaan zou hebben. Ruth deed meer dan het gewone. Iets bijzonders. Dat noemt de Bijbel heilig: wat bijzonder is.

Daarna wordt het alleen maar heiliger. Ruth gaat aren lezen achter de maaiers, het recht van de armen. Bij toeval – zo staat het er echt – treft zij het stuk land van ene steenrijke Boaz, een ver familielid van Naomi. Hij ontfermt zich over de beide arme vrouwen.

Over Naomi omdat familie zijn heilige verantwoordelijkheid is. En over Ruth omdat zij de liefde van zijn leven wordt.

Met Pinksteren, het feest van de Heilige Geest, ga ik voor mezelf Ruth nog weer eens helemaal doorlezen. Er komen zulke mooie heiligen in voor. Daar kan mijn geest nog wat van leren.